Categorie archieven: Gemis

gemis

Mijn lieve meisje,

Een half jaar stilte.  Zes maanden leegte. Honderd drieëntachtig dagen bodemloos verdriet. 

Vandaag, kwam je ook thuis op jouw favoriete plekje. Kort na de middag reden je vake en ik de lange rit naar De Panne om een paar van jouw spullen te gaan afgeven. Een onwezenlijke rit zo zonder jou. We werden daar omhelsd, we mochten ons warmen aan zoveel lieve mensen. We konden ons verhaal doen. Herinneringen werden opgehaald, een traan zocht soms zijn weg, maar we glimlachten en lachten ook. We voelden ons welkom, nog steeds, nog altijd en dat deed zoveel deugd. In de tuin waar je elke vogel herkende en zowat elke bloem honderd keer fotografeerde, lieten we een vlindersteentje achter. 

Nu zit ik op een bank en denk terug aan die onwezenlijke week, zes maanden geleden, van loslaten en afscheid nemen. Het waren toen de kortste en donkerste dagen van het jaar. Twee seizoenen later zijn de dagen lang. Ik kijk uit over zee en wacht tot de zon zal ondergaan. Ik kijk uit over zee en wacht op niets.

Ik kijk gewoon uit over zee en ik mis je, elke dag wat meer, elke dag wat harder.

Suid-Afrika

Mijn lieve meisje, 

Deze week zat er post in de brievenbus en elke keer wanneer ik op een envelop jouw naam zie staan, verstil ik even. Het was een gewone witte omslag, geen factuur, geen officiële rompslomp. Het leek een kaart, maar op jouw naam? En toen zag ik welke reis die witte envelop had gemaakt. Vijf maanden geleden hoorde iemand die we van haar nog pluim kennen in het verre Zuid-Afrika jouw verhaal over jouw bijzondere weg. Ze was geroerd en ontroerd en besloot dat ze jou ook steun wou toewensen.  13500km van waar jouw bed stond, vertrok een klein boekje met lieve wensen naar dat witte huis in Mespelare.  De poststempel verraadt ons dat de brief op 27 november werd afgestempeld. Ergens moet hij tussen de plooien van een zak zijn gevallen, jij hebt de kaart nooit gezien, er gebeurde toen wat niemand wou meemaken. Maar wij hebben ze nu wel gezien en waren ontroerd. We gaan een dankkaart terugsturen en hopelijk is die geen vijf maanden onderweg. 

Mijn lieve meisje, ik weet wel dat je mensen beroerde, maar dat ze je naam kennen van Noorwegen tot Zuid-Afrika maakt me trots, trots op die ongelooflijke, dappere, blije en positieve dochter die je was en altijd zal blijven.

Ik mis je, elke dag een beetje meer, elke dag anders. Ik mis je zo hard.

zeedroom

Mijn lieve meisje, wat hield jij van de zee. Ontelbare keren trokken we samen naar ons geliefde plekje in De Panne. Tijdens onze talloze wandelingen hoopte jij om ooit een zeehond op het strand te zien liggen. Toen op een bepaald moment Oscar de zeehond het strand van De Panne en Koksijde tot zijn favoriete uitrustplaats had gebombardeerd, gingen we nog wat vaker op stap. Helaas, we kruisten nooit zijn schuifspoor.

De voorbije twee weken maakte ik eindeloze wandelingen. Mijn voeten brachten mij van Oostende tot Heist, op zoek naar rust in mijn hoofd en in mijn lijf. Soms had ik gezelschap van lieve mensen, vaak trok ik er alleen op uit. Op een dinsdag nam ik de veerboot naar Fort Napoleon en stapte over de dijk verder. En daar lag hij, een zeehond, gewoon op het strand. Niemand was in de buurt, alleen de zeehond en ik. En net wanneer ik een foto nam, keek hij recht in de lens. Ik bleef wachten met een brede lach op mijn gezicht terwijl de tranen over mijn wangen rolden en ik dacht aan al onze wandelingen en voelde jou tegelijk dichtbij en toch zo ver weg.

Een paar dagen later lag er een zeehond in Wenduine en ook deze keek recht in de lens. Ik huilde weer en miste jou zo hard. 

Ik zag echter ook nog een derde zeehond. Op het strand van Blankenberge, bijna voor het casino, rustte hij uit. De enkele toeschouwers hielden eerbiedig afstand en ik keek van op de vloedlijn naar deze grote loebas terwijl ik hem toefluisterde hoe blij je zou geweest zijn.

Die avond liet ik op het strand van de zeehonden één van jouw vlindersteentjes achter. Terwijl de zon de hemel rood kleurde mocht de zee jou meenemen naar onbekende oorden. Ik liet je mee kijken door mijn ogen en schreef jouw naam in het zand. 

Mijn lieve meisje, jouw dromen zijn nu ook mijn dromen geworden. Jouw droom van de zeehond is nu geen droom meer. 

Ik mis je, ik hou van jou

droomreis

Mijn lieve meisje,

Jij had een droom, jij had nog één grote wens, al vier jaar lang. Reeds vier jaar geleden droomde jij er van om eens te logeren in het grote roze Disneyhotel. Er werden toen plannen gemaakt en jouw wens werd geboekt. En toen ontwrichtte een lelijk virus ieders leven en ging de wereld op slot. Heel langzaam raakte dat virus min of meer onder  controle, maar het hotel heropende niet. Een grondige renovatie stond op de planning van de bazen van de muis met de grote oren. In september drieëntwintig kon er eindelijk terug geboekt worden, want de heropening in jauari kwam er aan. Jouw droom kwam weer een stapje dichterbij. Niet wetende wat de toekomst zou brengen, waagden we de sprong en we boekten een kamer in dat prinsessenhotel. Je telde de maanden en weken af naar februari. Helaas, de tijd haalde je in.

Deze week reisde ik samen met één van jouw en één van mijn beste vriendinnen naar jouw droomhotel. We werden in de watten gelegd, de kamer overtrof onze stoutste dromen en zelfs het zwembad bleek een toegankelijk pareltje. Je zou genoten hebben van de eerste tot de laatste minuut. En wij, wij genoten ook. We lachten en hadden plezier, we huilden en omarmden elkaar. We gingen op de foto met Stitch en ook jij ging voor de allerlaatste keer met jouw favoriete blauwe beest op de foto. Stitch omarmde mij en omarmde jou. De medewerkers probeerden ongezien hun tranen weg te vegen en ook sommige omstaanders werden stil bij het zien van jouw foto en jouw knuffelmuis. Je ging mee op de Disneytrein en werd trots vastgehouden door de lievelingsprinses van jouw kleine grote zus. 

Mijn lieve meisje, het waren intense harde, maar warme dagen samen met jou en de twee vriendinnen. We reisden jouw laatste reis, ik  maakte jouw droom waar en liet jouw vlindersteentje achter aan de voet van het kasteel.

Vlieg mijn lieve meisje, laat jouw betoverende verhaal verder de wereld veroveren. Mijn prinses, mijn knuffelmie, mijn zottemuts, je hoorde er bij te zijn, je werd zo hard gemist, je wordt zo verschrikkelijk hard gemist.

rauwe rouw

Mijn lieve meisje,

Toen je nog leefde, wisten we al lang dat jouw tijd bij ons te kort zou zijn. Soms droomde ik dat je een infectie niet te boven kwam of dat je longen nog verder achteruit gingen en dat je dan overleed. Ik werd dan met klamme handen wakker en huilde. Maar ik wist dat je er nog was. Ook de vele keren dat je kritiek ziek was, was ik bang, vreesde ik wat er zou komen, maar ook toen was je er nog.

Nu ben je weg, ik kan je niet meer voelen, ruiken, horen, zien. En dat doet pijn. Vershrikkelijk veel pijn. Veel meer dan ik me toen kon voorstellen. Die rauwe pijn die ik voel, hoort bij rouwen. Het is pure rauwe rouw in al zijn vormen. Buikkrampen die je beletten om te eten, een hartritme dat tilt slaat en je over je hele lijf laat trillen, stekende hoofdpijn, aanvallen van wanhoop en verdriet, zware slapeloosheid, pijnlijke stramme spieren en gewrichten, het hoort allemaal bij rouwen. Niet enkel mijn gevoel rouwt, ook mijn lijf rouwt mee en schreeuwt om jou. 

Die rauwe rouw komt in vlagen, soms gaat het min of meer goed, vaak gaat het helemaal niet, maar gelukkig is geen enkele dag alleen maar die pijn. Jouw stralende glimlach op de kast, laat mij niet alleen huilen, maar ook glimlachen. De flakkerende vlammetjes bij jouw urne proberen me te verwarmen, jouw knutselwerken zijn boodschappers uit het verleden, soms met een verdrietige boodschap, soms met een verhaal van hoop. 

Mijn lieve meisje, al meer dan zes weken bij je niet bij ons en al zes weken ben ik verbaasd dat ik deze pijn en dit verdriet kan overleven. Langzaam begin ik aan een leven zonder jou te denken, maar ik weet dat jij er altijd zal zijn, in mijn verleden, mijn nu en mijn toekomst.

Mijn lieve meisje, rouwen is zwaar werk, het put uit, het vreet aan jou, het maakt je ziek. Maar wat ben ik blij dat zoveel mensen trachten om elk op hun manier een klein stukje van onze rouw mee te dragen zodat wij niet vallen en wanneer we toch zouden struikelen, ons weer recht te helpen.

Mijn lieve meisje, je wordt zo hard gemist, ik hou nog steeds zielsveel van jou, mijn lieve dappere held.

sneeuwvlinder

Mijn lieve meisje,

Vele jaren geleden plantten we voor jou in het geboortebos een zwarte els. Of die boom er nog staat, weten we niet. Na 21 jaar is het daar een ondoordringbaar bosje geworden. Gisteren maakten we een prachtige wandeling door de mooiste beekvallei van Vlaanderen. We liepen langs smalle besneeuwde boswegels, voorbij onmetelijke en spierwitte velden, langs kapelletjes en watermolens. We zagen de sporen van konijnen, reeën en een everzwijn. En toen, vlak bij een troostplek van Femma, kwamen we aan een betoverend mooie plek. Een knuppelpad ging dwars door een broekbos, het Duivelsbroek, een moeras vol zwarte els. De zon scheen gefilterd door de takken over het ijs en de sneeuw schitterde op de zwarte omgevallen bomen. Een woeste schoonheid deed me naar adem happen. Tussen de takken hupte een roodborstje, één van jouw favoriete vogeltjes, de hele weg mee.

Vandaag maakten we terug een wandeling. In mijn zak zat één van jouw vlindersteentjes. De tocht van vandaag ontmoette de tocht van gisteren aan de ingang van het Duivelsbroek. En daar, beschut in de holte van een boom, liet ik de vlindersteen achter. Misschien wordt hij ooit gevonden en reist hij verder, misschien blijft hij voor altijd daar en krijgt hij in de zomer gezelschap van de vlinders die je zo graag fotografeerde. Jouw steen ligt daar goed, bij de elzen en het roodborstje. Dag mijn meisje, je was er en zal er altijd zijn. Wat hou ik nog steeds van jou.

 

maand

Mijn lieve meisje,

Het was zestien december toen het donkerste donker ons overviel. Nu zijn we zestien januari. Een hele maand zonder jou. Eenendertig lang dagen met tranen en rauw verdriet, met gemis en pijn. De leegte probeerden we op te vullen met soms eindeloze wandelingen in de sneeuw en de regen, onder een strakblauwe hemel en dwars door het water en de modder. Maar er werd over jou gepraat.  Vaak zaten de tranen hoog, maar er werd ook geglimlacht en ook wel eens echt gelachen om jouw stoten. Vrienden kwamen langs om hun hart en hun schouder aan te bieden. De leegte die je achterliet, is echter immens. Niet enkel het huis is leeg, maar ook de tijd is leeg. En tegelijk ben je nog overal. Alles ademt jouw naam. 

Mijn lieve meisje, een hele maand zonder jou. Wat word je mist.  Wat hou ik van jou.

 

 

leegte

Mijn lieve meisje,

Wat lijkt alles leeg. Jaren geleden, na jouw fout gelopen rugoperatie, kochten we dit huis en maakten er voor jou en de andere kinderen een thuis van. De hele benedenverdieping werd ingericht voor jou zodat jij ooit min of meer zelfstandig zou kunnen leven. Jouw lichaam beslistte daar echter anders over. Nu rest ons een veel te groot huis met een gelijkvloerse verdieping die leegte uitstraalt. Alles hier ademt jou, overal kom ik jou tegen en toch voelt het kaal. De stilte is oorverdovend. Geen babbelende Elselien, geen tikkende pompen, geen ruisende bipap, geen alarmen,  geen filmgeluiden op de achtergrond. Al jouw lievelingszangers en groepen zwijgen, de televisie blijft donker. Ook mijn dagen zijn leeg en doelloos. Ik rommel en doe maar wat, maar de structuur is weg. Niets moet meer en dat valt mij zwaar. 

Vaak ontvluchten vake en ik de stilte en de leegte. Nu het ‘moeten’ weg is, kan er weer veel ‘gewoon’.  We wandelen en voelen de kou die zich ook diep in ons durft nestelen en denken aan jou.

Mijn lieve meisje, je wordt zo graag gezien, je wordt zo hard gemist. 

drie

Mijn lieve meisje,

drie weken al, nog maar drie weken, drie veel te lange weken. Exact drie weken geleden, reed ik de laatste keer je bed van je slaapkamer naar de woonkamer, zagen we voor de laatste keer jouw ondeugende ogen toen je banaan met choco vroeg, hoorden we de laatste keer jouw stem toen je vake opdroeg om je computer voor jou klaar te zetten. Het gemis wordt steeds groter, de pijn om jou komt in grote golven aangerold en beukt me kapot.

Mijn lieve meisje, gisteren zetten we de film Coco op, de film waar jij ook een liedje uit koos. Remember me, blijf me herinneren, dat doen we, ik blijf jouw naam noemen, ik blijf vertellen, ik probeer elk detail terug op te roepen zodat ik niet vergeet. 

Drie weken geleden, kort na het moment dat we je moesten loslaten, schreef ik je al een eerste brief. Hij werd voorgelezen op jouw viering.

Mijn lieve meisje,
terwijl ik dit schrijf, woedt buiten storm Pia en lijkt de nacht niet te willen verdwijnen om plaats te maken voor de dag. Binnen branden zacht de lichtjes
in de kerstboom en aan de voordeur flakkeren de kaarsen die vake daar voor jou zette zodat je, waar je nu ook bent, ons huis steeds terug kan vinden.
Mijn lieve meisje, wat heb je ons de voorbije weken weer verbaasd doen staan. Jouw levenslust en levenskracht zijn legendarisch geworden. Jouw verhaal reist steeds verder de wereld rond. Het verhaal van een meisje dat steeds opnieuw de harten van de mensen dichtbij en verder weg, wist te veroveren.
Je was al zo lang ziek dat zelfs jijzelf je amper de tijd zonder ziekenhuizen kon herinneren. Je belandde talloze keren op het operatiekwartier, onderging de
zwaarste infecties, jouw lichaam had zoveel medische ondersteuning nodig, maar dat deed er voor jou niet toe. Jij leefde zoals ik nog nooit iemand heb weten leven. Je genoot en straalde. Wanneer jij mensen voor de eerste keer ontmoette, waar dan ook, kroop jij onder hun vel en verdween daar nooit meer.
Jij nestelde je in hun hart, jij werd voor hen dat meisje met die mooie naam en brede lach, het meisje met die ongelooflijke levenslust.
Jouw fysieke wereld werd doorheen de jaren steeds kleiner, maar wat keek ik deze dagen verbaasd op. Je werd bedolven onder de kaarten van wildvreemde
mensen die jou de moeite waard vonden om te schrijven. Half bekend Vlaanderen stuurde jou dankzij één van jouw fantastische vriendinnen, filmpjes om je een hart onder de riem te steken, jouw naam werd genoemd in de Warmste Week, mensen kwamen van heinde en heel ver om van jou afscheid te nemen. Je had vrienden over heel Vlaanderen, Frankrijk en Nederland en allemaal missen ze jou.
Villa Rozerood is een ster rijker, Disneyland zal het zonder jouw bezoekjes moeten doen, je knuffels blijven verweesd achter, de dobbelstenen van het spel regenwormen liggen roerloos in de doos, jouw laatste puzzels blijven onafgewerkt in de kast staan.
Lieve dochter, mijn allerliefste en dapperste Elselien, mijn muizeke, mijn krokodil, mijn flodder en mijn knuffelmadam, wat mis ik jou. Wat ben ik zonder jou? Wat hou ik van jou.

Mijn lieve meisje, de wereld draait verder, ook zonder jou, maar hij is een pak minder kleurrijk geworden.