Tulpen

Door de ramen priemt de zon en ze verblindt me. Ik glimlach weemoedig en zoek een streepje schaduw.  Op tafel staat een ruiker vuurrode tulpen de woonkamer op te vrolijken. Boven klinkt een duet van hobo en klarinet. 

Paasvakantie versie 2.0 . De pot kleine chocolade eitjes  werd vandaag al voor de tweede maal aangevuld, iets dat in normale omstandigheden absoluut niet zou gebeurd zijn. (ik ben, tot frustratie van mijn huisgenoten, nogal strikt in het naleven van het moment waarop die dingen mogen gegeten worden) Dochterlief zit aan haar bureau postkaarten te tekenen om al die vrienden die ze mist te verrassen. De postbode maakt overuren.

Daar is de lente, daar is de zon, maar in onze tuin is geen sprietje te zien. De brandnetels zijn verdwenen, wat overblijft is rotsige grond, bruine modder en een paar standvastige metselbijen. Werkmannen kloppen op voldoende afstand van elkaar paaltjes in de grond en even later graaft een eenzame kraanman een enorme put. Wat overblijft zijn de Alpen en een paar plasjes. Wij dromen van een terras, een tuinzetel, een boek en een tuin vol tulpen en lavendel.

Zeven april in een vreemd jaar, een niet zo gewone gewone dag. Een vriendin laat me weten dat het goed gaat met haar zoon en ik glimlach weemoedig terwijl ik naar een vaas met vuurrode tulpen kijk. 

Ik droom en mijmer en kijk naar de wandelende voorbijgangers en de snelle fietsers in hun blitse pakjes. In ons zo kalme dorpje wordt het steeds wat drukker, maar in ons veilige nest heerst rust. De rode tulpen glanzen in het zonlicht en laten me denken aan diegene van wie ik ze kreeg. Samen met wat kaartjes (zei ik al niet iets van de postbode en zijn werkdruk?) laten ze zien dat we niet alleen zijn tijdens die vreemde paasvakantie van het jaar twintig.

2 gedachten over “Tulpen”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.