Categoriearchief: ziekenhuis

Plan

Er is een plan. Eindelijk! Deze voormiddag konden we bij de chirurg terecht. Meer dan een half uur heeft hij bekeken wat hij kon doen en kregen we een deftige en duidelijke uitleg.

Op 26 november worden we terug op de kinderafdeling verwacht voor onbepaalde duur en op 29 november belandt dochterlief weer eens op de operatietafel. Vroeger lukt niet omdat het geen kleine ingreep is en er voldoende tijd nodig is. Om de problemen met de darmen deftig op te lossen zal er een appendicostomie gedaan worden zodat er antegrade spoelingen kunnen gegeven worden. Ik geef toe, ik wist eerst ook helemaal niet waar de dokter het over had, maar eenvoudig en kort uitgelegd wil dit zeggen dat de dokter met het aanhangsel van de blinde darm een doorgang maakt van het begin van de dikke darm naar de navel en dan kunnen we zo darmspoelingen geven. 

In afwachting moeten we natuurlijk zorgen dat die darmen blijven werken. Vanaf nu zal onze held twee dagen per week in het ziekenhuis worden verwacht om de darmen te ledigen. Morgen gaan we weer naar huis, donderdag komen we alweer terug.  Nog even doorbijten tot 29 november. Nog 1 maand overbruggen en dan, hopelijk, is het grootste gesukkel achter de rug en heeft dochterlief weer iets nieuws.

Zucht

Peinzend kijk ik naar buiten en zie twee zwarte roodstaarten heen en weer huppen onder de vensterbank. Buiten miezert het, maar wij zitten droog. Dochterlief is ondertussen naar de speelzaal, want jawel, we zijn terug in het ziekenhuis. De voorbije dagen kreeg ze weer steeds meer buikpijn en na overleg met de gastro-enteroloog was een opname niet te vermijden. De valiezen werden terug gevuld, onze zakjes geduld verzameld en hier en daar vond ik zelfs nog wat bergjes hoop om mee te nemen naar kamer 4.

Onze prinses reed een beetje triest door de voordeur. Vlak voor ons vertrek ontdekten we dat Flufke Maurice de kleine hamster naar de hamsterhemel was vertrokken. Ook al hadden we het zien aankomen, hij was dan ook al heel oud, toch is het even schrikken wanneer je dat kleine zachte lijfje ziet liggen. 

Peinzend kijk ik naar buiten en glimlach om die kleine Fluf, die dappere prinses, onze spring-in’t-veld, onze sportieveling, onze lieve enthousiasteling, mijn lieve schat,… ik glimlach en denk: zo slecht heb ik het nog niet getroffen.

Acht

Acht lange dagen zitten we al in het ziekenhuis. Zeven daarvan ligt dochterlief aan haar bed gekluisterd.  We kwamen vorige woensdag even langs met een poort waar wat bloed uit lekte en amper vierentwintig uur later, hadden we een doodzieke dochter. De voorbije week heeft ons weer met beide voeten op de grond gezet.  We zagen hoe snel de gezondheid van onze held kon achteruit gaan en welke impact dit had op haar hele lichaam. Bloedvaten, longen en nieren kregen het instant moeilijk en het herstel lijkt toch wel even te duren. Extra zuurstof kunnen we nog niet helemaal laten vallen, het vocht op en rond de longen en het hart trekt maar heel langzaam weg. Maar toch babbelt ze weer honderduit en maakt ze grapjes met de verpleging, de artsen en vooral ‘haar’ geliefde kinesist. Ze verveelt zich alleen te pletter. Door alle infusen heeft ze twee ingepakte armen en nu kan ze haar favoriete activiteit, knutselen, niet uitvoeren.  Gelukkig worden we af en toe opgevrolijkt door binnenspringende vriendinnen met boeken, warme chocomelk en lekker fruit.

Vandaag kregen we te horen dat ons verblijf nog met minstens een week verlengd wordt. Ten vroegste dinsdag wordt de port-à-cath hersteld. Nog even …

Uitstel

Hoge koorts die niet wil zakken, rillen en kou, slapen en rust. Poppemie is flink ziek, maar na 4 bloedkweken weten we nog steeds niet van waar die koorts komt. De operatie is logischerwijze ook uitgesteld. Misschien mandag, maar dan zal onze held tegen zondag toch koortsvrij moeten zijn. Afwachten dus.

Ikzelf zat vandaag in een ander ziekenhuis. Mijn hart doet al een paar weken heel verontrustend vreemd en daarom belandde ik nu zelf eens op de operatietafel. Gelukkig was er nog niets dramatisch aan de hand, maar ik kreeg toch de raad om voldoende rust in te bouwen zodat een pacemaker zo lang mogelijk kan uitgesteld worden. Ik kan enkel mijn best doen, maar het leven is nu eenmaal zoals het is.

Vake cliniclown is naar huis na een pittig dagje, moeke verpleegster staat weer paraat, het hele medische team doet zijn best om trezebees er weer bovenop te krijgen. Wij kunnen alleen maar afwachten en hopen dat ze snel weer beter wordt.

En uitstel… is in dit geval echt geen afstel.

Poort of blaas

Deze week reden we maandag al eens onverwacht naar het uz met een niet aan te prikken poort. Gelukkig kon een ervaren verpleegster na enig zoeken toch de prikplaats lokaliseren en zo mochten we na een uurtje weer naar huis.

Deze ochtend bleek er plots bloed onder de pleister van de poort te zitten. Een beetje verontrust maakte ik alles proper, ontsmette de boel en kleefde een nieuwe plakker. Na een uurtje bednet was de plakker weer bebloed, dus ging er een telefoontje richting dageenheid. Zoals ik  wel verwachtte, mochten we voor de tweede keer deze week vertrekken richting Brussel.

Op dageenheid werd gekeken, overlegd, gediscussieerd, nog meer overlegd, getelefoneerd, bloedkweken genomen, gevoeld en verder overlegd. Na drie uur wachten, kwam de chirurg in hoogst eigen persoon eens langs en werd er definitief beslist de poort voorlopig niet te gebruiken. Zelfs hij wist niet meer of hij nu de boven- dan wel de onderkant van dat ding voelde. Hij vermoedt dat er ook een kleine bloeding rond de poort zit. Morgen zal er een foto gemaakt worden en voor vannacht kreeg dochterlief een gewoon infuusje zodat ik ze toch vocht kon geven. We waren bijna klaar om naar huis te vertrekken en toen…

kwam de zaalarts nog eens langs. Tussendoor was er een urinestaal afgenomen nadat die van maandag al lichtjes verontrustend was. De kweek van vandaag was helaas nog slechter en wees op een flinke urineweginfectie.  Antibiotica iv moest opgestart worden. Onze held haar poort is echter voorlopig niet bruikbaar. Ik ben alleen naar huis gereden en vulde daar een valies, pakte de bi-pap in, verzamelde de noodzakelijke kussens en knuffels en reed weer maar eens de vertrouwde weg terug.

Nu zitten we weer op kamer 35. Hopelijk krijgen we morgen groen licht wat de poort betreft en kunnen we de antibioticakuur thuis af werken.  En rusten… dat zal voor later zijn…

Feestdag

Een lange luie dag, de uren gleden langzaam voorbij. In kamer 33 was het stil. Op de televisie was enkel voetbal en dat is nu niet meteen ons favoriete programma. Ook dokters zagen we amper, 1 mei is het feest van de arbeid en daarom krijgt zowat iedereen een dagje vrij, geen speelzaal dus en geen uitstapjes.  Enkel een occasionele babbel met de verpleegster brak de dag.

Jammer genoeg had onze prinses in de namiddag plots koorts. Waar die vandaan komt, is nog een raadsel. Ze gedraagt zich niet ziek en heeft ook niet overdreven veel pijn, ze is alleen een beetje moe en loom. We kunnen alleen maar hopen dat morgen alles in orde is zodat we weer aan naar huis gaan kunnen denken.

Uitstapje

Verrassingen zijn leuk, maar deze surprise was echt niet nodig. Hopelijk volgen er niet te veel van die onverwachte uitstapjes meer.  Een strandwandeling is echt wel rustgevender dan een ritje naar het ziekenhuis van Veurne.

We hadden nood aan rust, mijn hoofd zat te vol, mijn energielevel was historisch laag: even geen ziekenhuisbezoeken, even niet moeten denken aan afspraken en ziek zijn, even de zorg uit handen kunnen geven. Wie ons kent, weet dat we dan één adres hebben waar we steeds welkom zijn.  We pakten onze valies, vulden de koffer met alle medicatie en andere noodzakelijke spullen voor onze prinses en vertrokken rechtstreeks vanuit het ziekenhuis naar Villa Rozerood. Een stralende zon heeft ons de hele tijd al gezelschap gehouden en dankzij onze driewielbuggy maakten we mooie strandwandelingen langs de vloedlijn. Mooie liedjes duren echter nooit lang en deze ochtend bleek de blaassonde van dochterlief heel vervelend te doen. De wissel lukte niet, de sonde raakte er niet meer in. Even werd er druk overleg gepleegd tussen verpleging, arts en ziekenhuis en amper een kwartier later zaten we in de auto richting Veurne, uitgewuifd door onze nieuwe vrienden uit de Villa.  Deze keer waren we een echt spoedgeval waarbij de spoed noodzakelijk was. Zo een gat van de sonde heeft nogal eens de neiging om pijlsnel dicht te groeien.  Ook de uroloog daar heeft gezweet op de sonde, maar na veel proberen, wrikken en koteren is het gelukt. Er zit er weer eentje in. Met een platgeknepen hand en een opgeluchte dochter mochten we weer vertrekken. Het was even bekomen voor iedereen, maar deze namiddag hebben we toch nog even genoten van het mooie weer.

Tegenslag

Na een paar prachtige dagen in en rond Parijs, vlogen we er vanaf maandag weer in. Drie dagen op rij reden we richting Brussel. Op maandag waren de artsen tamelijk tevreden met hoe de ontsteking op de poortkatheter evolueerde en dinsdag werd dan beslist om hem een maandje rust te gunnen voor hij weer gebruikt zou worden. Iedereen kruiste zijn duimen voor een goede afloop. Deze ochtend was de pyjama van dochterlief echter vuil. Op de dageenheid vond ook de neurochirurg dat het er niet zo goed uit zag en de hoofdverpleegkundige besloot de chirurg te bellen. We mochten even binnen springen. De poort werd met gefronste wenkbrauwen en een bezorgde blik bekeken en al snel kwam de boodschap dat ze er toch uit moet. Het lichaam van onze held is de poort zelf naar buiten aan het werken. Dinsdag staat operatie ik-ben-al-lang-de-tel-kwijt op het programma. We mochten nog een paar dagen huiswaarts met een resem telefoonnummers. Het is onzeker of het wel zal lukken tot dan. We wachten weer maar eens af en duimen, duimen, duimen,…

Dinsdag liet dan ook de echtgenoot ons flink schrikken.  Een mondhoek en een oog die hangen, een vreemd smaakgevoel, het deed heel wat alarmbellen afgaan. Gelukkig kreeg hij op spoed na een paar uurtjes te horen dat er niets mis wat met de hersenen, maar wel met de aangezichtszenuw. Die had plots besloten om te staken en zorgde zo voor heel wat bijkomende hartkloppingen en trillende benen bij mij.

Onze emmer geduld en hoop wordt nog wat leger. Gelukkig is op de bodem nog wat te vinden.

Stunt

Gisteren was het Stuntdag van de KSA. Een speciale dag waarop de KSA-groepen van de provincie Oost-Vlaanderen samen spelen en plezier maken. Voor de oudsten en de leiding wordt die dag gevolgd door de Stuntnacht. Een fuif waar de jongeren met de bus naartoe worden gebracht en door diezelfde bus ook weer veilig thuis worden gedropt. Ik kon dus op beide oortjes slapen.

Deze ochtend in de vroege uurtjes had dochterlief me nodig. Met kleine oogjes strompelde ik uit bed om haar te helpen en toen kwam ik de zoon tegen in de gang. Hij zag er niet uit. Zijn gezicht zit onder de schrammen, sneetjes en bulten en daar bovenop ontbreken er drie stukjes van zijn snijtanden. De Stuntnacht was voor hem in mineur geëindigd. Een van de andere fuifgangers had overduidelijk veel te veel alcohol in zijn jonge lijf zitten dan goed voor hem was en dreigde tijdens het plassen tegen de vlakte te gaan.  Hij vond er dus niets beters op om de zoon als steunpilaar te gebruiken, alleen had deze dit niet zien aankomen en is hij met zijn gezicht plat op de grond gevallen.  De Rode Kruis-medewerker bracht hem naar het ziekenhuis, maar gelukkig moest er niets genaaid worden.

Mijn moederhart heeft weer een deuk gekregen. Onze eigen kinderen gaan zelden naar fuiven: te luid, te ongezellig, te saai, te veel bier,… Ze drinken ook heel weinig tot zelfs geen alcohol. Dat hebben ze echt niet nodig om zich te amuseren. We maakten nu de tweede maal op relatief korte tijd mee wat alcohol doet met je lichaam en vooral met dat van de mensen rondom jou. Onze auto is ondertussen gemaakt, de zoon zijn schrammen zullen binnenkort wel genezen zijn, maar mij krijg je echt niet meer uitgelegd waarom zoveel mensen niet verantwoord met alcohol kunnen omgaan. Je mag het gerust lekker vinden, maar houd het dan bij af en toe eens een glaasje en geniet. Mij maak je niet wijs dat die andere jongen die te zat was om de wereld rechtop te bekijken, genoten heeft van zijn avond. Waarschijnlijk wordt hij deze namiddag wakker met een bonzend hoofd en een vieze smaak in zijn mond en herinnert hij zich niets meer van de vorige nacht. Ik kan alleen maar hopen dat hij vrienden heeft die hem laten weten hoe hij de nacht van een medeksa-er danig verknald heeft.

Gesukkel

Gewoon doen, het blijft iets moeilijk. De laatste zeven dagen hebben we zowat dagelijks contact gehad met het ziekenhuis. De poort werkt wel, maar daar is het dan ook mee gezegd. Onder de plakker zien we al bijna een hele week vies vocht verschijnen. In het begin leek dit nog helder roze, maar ondertussen zijn het dikke wit-geel-roze slijmerige draden. Gisteren is er op spoed dan een kweek afgenomen, maar op resultaten moeten we tot morgen wachten. Gelukkig heeft onze prinses geen koorts, maar af en toe krijgt ze toch wel flinke pijnscheuten rond dat ding. Vandaag nam de neuroloog nog wat extra kweken. Hopelijk kunnen al die zoekende artsen de oorzaak van het lek vinden, want op deze manier moet de plakker wel heel vaak gewisseld worden en dit geeft telkens weer een nieuw risico op een infectie.

Ondertussen is de dochter het ziekenhuis meer dan beu. Ze snakt naar gewoon naar school gaan. Haar klas vindt ze super en ze geniet van het contact met haar lieve medeleerlingen, maar ook deze week zal ze maar drie uurtjes kunnen volgen met bednet.

Ziek zijn en tieners, het is een combinatie die af en toe wel voor frustraties kan zorgen. Gelukkig blijft ze tijdens de goede dagen haar vrolijke zelve en geniet ze nog steeds van alle fijne momenten.